TC Tubantia 7-08-2006

Door Jan Kees van der Paauw.

De Masters betekent op het circuit van Zandvoort drie dagen showtime. Daar geldt zien en vooral gezien worden. Verleidelijk opgesteld metaal en veel strak verpakte gedecolleteerde blondines. Shirley van der Lof is ook blond, maar als ze eenmaal haar oranje-groene helm heeft opgezet, telt dat niet meer. Dan gaat het om andere strakke lijnen. Om racen, om topsport.

Een racefestival heeft een zonnige entourage nodig. Toch verzucht Shirley van der Lof op zaterdag: ‘Jammer dat het morgen niet zal regenen.’ Een droge race belooft haar vierde wedstrijd op Zandvoort in de Formule Ford te worden. Marjon de Hond heeft er voor gewaarschuwd en de KNMI-weerkundige blijkt andermaal een vakvrouw. Op een droog circuit stuurt de 19-jarige Haaksbergse haar rode bolide naar voren, maar komt niet verder dan de tiende plaats. Voor haar ‘blokt’ Simon Knap degelijk. Zelf kan de Assendelfter niet veel harder, twee jaar ervaring in deze open auto maakt het hem wel mogelijk ronden lang solide te verdedigen.
Twee verschillende klassen telt het Formule Ford-veld. Overall tiende, achtste in haar afdeling en dat betekent in ieder geval lichte verbetering voor het kampioenschap. ‘Meer zat er niet in’, klinkt het na afloop berustend. ‘De snelheid had ik wel. In de slotronde heb ik nog wel een poging gedaan in te halen, maar de auto sprong uit de versnelling. Als dat gebeurt heb je al moeite genoeg om de auto terug op de lijn te brengen.’
Sinds haar seizoen begon, bij de Pinksterraces, geeft Shirley van der Lof zichzelf rijles. En luistert naar deskundig advies. Van vader Alexander, die zelf van allerlei auto’s op vele circuits rondstuurde, van Geva-teambaas Gert Valkenburg en van collega’s. Want Shirley van der Lof is leergierig, heeft een doel. Haar mooiste droom is de Formule 1, maar na vier jaar karting en prijzen pakken is dat nog heel ver weg. Nu is ze rookie in een open auto, in een klasse die het vwo van de autosport is: voor de winners van overmorgen.
Op Zandvoort is het bij deze Masters een bijnummer. Aanvankelijk met een start om negen uur, als half Nederland ontbijt, maar na rijp beraad toch wat verlaat. Ook de sponsors van deze serie moeten aan hun trekken komen. Wat extra publiek bij een wedstrijd van haar klasse vindt ook zij wel een goede zet. En vader Alexander, die vanuit Haaksbergen arriveert, is er ook blij mee. Hij volgt zijn dochter overal, ook als er een wedstrijd wordt verreden in Engeland, op het legendarische circuit Donington Park. Daar zag hij dochterlief, in tweede positie rijdend, gelanceerd worden bij dik 150 km per uur na een inhaal door nota bene land- en teamgenoot Romano de Ruit. ‘Hij heeft er zijn excuus voor aangeboden’, haast Shirley zich te zeggen over deze dollemansactie. Wellicht ingegeven door een intern babbeltje, wat als toon had ‘softie, je verliest hier van een meisje.’ Met desastreuze gevolgen, al had Shirley van der Lof de mazzel dat de luchtreis en landing in een bandenstapel eindigde met slechts een beste kneuzing in het rechterbeen (afdruk van de versnellingspook) en een lichte hersenschudding.
Strakke lijnen rijden, fair rijden, is wat ze zich heeft voorgenomen. ‘Ik ben wel in een situatie gekomen dat je een concurrent met een tik uit kan schakelen. Maar dat is geen racen, volgens mij. Ik wil écht racen.’ Ze heeft het, weet veteraan Valkenburg. Hij gaf haar voor dit seizoen zowaar startnummer 1, waarmee de Twentse een extra bezienswaardigheid is. In Engeland dwong ze bij de training voor de eerste keer dit seizoen de ‘pole’ af, zette de snelste trainingstijd neer terwijl Brands Hatch in heel Europa als heel moeilijk bekend staat. Vanwege hoogteverschillen en ‘blinde’ bochten na klimmetjes. De tweede plaats in de race betekende haar eerste podium-plaats van dit seizoen. ‘Ervaring opdoen’, zegt ze na haar Masters, ‘is wat me in dit eerste seizoen in een echter raceauto te doen staat. Ik merk bijvoorbeeld dat het circuit van Zandvoort van de ene op de andere dag anders kan rijden. Veel of weinig rubber op de baan, het maakt groot verschil. En dan is er nog het grote verschil tussen het oude en het nieuwe gedeelte. Ik heb deze week een matige trainingstijd gereden. Als de aangedreven banden slippen, kom je niet ver. En van achteruit naar voren rijden is niet makkelijk. Valkenburg herkent de klachten. ‘Ze is nog wisselvallig, een echte rookie. Een auto aanvoelen, anticiperen op de omstandigheden, dat moet je leren en dat kost tijd.’
In de regen is Shirley van der Lof daarentegen nauwelijks een rookie meer. ‘Niet teveel willen, rustig blijven en je kans afwachten’, is haar geheim. ‘Dat ligt me, daarom had ik het niet erg gevonden als het dit weekeinde zou regenen.’
Misschien dat het over twee weken, op het Belgische circuit Zolder, nat wordt. Dat wordt na Engeland haar tweede race-weekeinde voor het Benelux-kampioenschap, een aparte serie. Een nieuwe kans om aan te haken in de slipstream bij concurrenten, met een of twee jaar meer ervaring en dus voorsprong. Shirley van der Lof kijkt er naar uit. ‘Ik voel me na die klap in Engeland weer fit. Gelukkig wel, want nu is het seizoen op z’n hoogtepunt. Nu moet ik m’n kansen pakken. En nu is racen weer het leukste wat er is.’

Terug